Fiscaliteit bedrijfswagens

  1. CO2-bijdrage

    Als werknemers hun bedrijfswagen ook voor privédoeleinden mogen gebruiken, moet de werkgever een CO2-bijdrage (ook solidariteitsbijdrage genoemd) aan de RSZ betalen. Deze bijdrage is gebaseerd op de CO2-uitstoot en het brandstoftype van de wagen en wordt berekend a.d.h.v. een formule. Daarnaast wordt ook een minimumbijdrage bepaald.

    De formule voor de berekening van de CO2-bijdrage is:[((CO2-uitstoot x € 9) – 768 (benzine) of 600 (diesel) of 990 (LPG)/ 12] x indexatiecoëfficiënt

    De indexcatiecoëfficiënt en minimumbijdrage worden jaarlijks aangepast. Voor 2025 is de indexatiecoëfficiënt 1,5948 en bedraagt de minimumbijdrage € 33,22/maand voor voertuigen besteld vóór 1 juli 2023. Voor voertuigen besteld vanaf 1 juli 2023 bedraagt de minimumbijdrage 37,33/maand. Voor emissieloze wagens is steeds het minimumbedrag verschuldigd.

    Voor niet-emissieloze wagens besteld vanaf 1 juli, moet de uitkomst van de formule vermenigvuldigd worden met een multiplicator die jaarlijks stijgt. In 2025 bedraagt deze multiplicator 2,75. Als de berekende CO2-bijdrage na toepassing van de multiplicator lager is dan de minimumbijdrage, is de minimumbijdrage van toepassing.

  2. Voordeel van Alle Aard (VAA)

    Wie met een bedrijfswagen rijdt en die ook voor privédoeleinden mag gebruiken, geniet van een Voordeel van Alle Aard (VAA). Daar betaalt de werknemer belastingen op. Het bedrag van het VAA wordt berekend aan de hand van een formule die rekening houdt met de catalogusprijs, de leeftijd en vooral de CO2-uitstoot van de wagen. Hoe meer de CO2-uitstoot van de wagen waarmee de werknemer rijdt afwijkt van de “referentie-uitstoot”, hoe hoger het VAA. Voor emissieloze wagens wordt het minimum CO2-percentage van 4% gehanteerd.

    De referentie-uitstoot wordt elk jaar opnieuw berekend aan de hand van de gemiddelde uitstoot van de nieuw ingeschreven wagens in het jaar voordien. Tevens wordt elk jaar een minimum VAA bepaald. Voor 2025 bedraagt de referentie-uitstoot 71 g/km voor benzinewagens en 59 g/km voor dieselwagens. Het minimum VAA voor 2025 is vastgelegd op € 1 650/jaar.

    De formule voor de berekening van het VAA is: cataloguswaarde x CO2-percentage x 6/7 x leeftijdspercentage

  3. Aftrekbaarheid bedrijfswagens

    Kosten van bedrijfswagens zijn (gedeeltelijk) aftrekbaar van het belastbaar inkomen van een bedrijf en leiden dus tot een lagere vennootschapsbelasting.

    De aftrekbaarheid in 2025 varieert in functie van het type kosten en het type wagen:

    • Rentekosten incl. niet-recupereerbare btw: 100% aftrekbaar ; dit geldt voor emissieloze en niet-emissieloze wagens

    • Wagenkosten incl. niet-recupereerbare btw (financiering, onderhoud, banden, verzekering enz.): • Emissieloze wagens: 100% fiscaal aftrekbaar • Niet-emissieloze wagens: de aftrekbaarheid wordt berekend a.d.h.v. een formule

    • Energiekosten incl. niet-recupereerbare btw (brandstofkosten, stroomkosten): • Emissieloze wagens: stroomkosten 100% fiscaal aftrekbaar • Benzine- en dieselwagens: brandstofkosten volgen de aftrekbaarheid van de autokosten • Plug-inhybrides besteld voor 1 juli 2023: brandstof- en stroomkosten volgen de aftrekbaarheid van de autokosten • Plug-inhybrides besteld vanaf 1 juli 2023: brandstofkosten zijn 50% aftrekbaar ; stroomkosten volgen de aftrekbaarheid van de autokosten

    De formule die de fiscale aftrekbaarheid berekent, is 120% - (0,5% x coëfficiënt x CO2 g/km) De coëfficiënt bedraagt 1 voor diesel, 0,90 voor CNG-wagens ≤ 11 fiscale pk en 0,95 voor alle andere aandrijvingen.

    De minimum- en de maximumaftrek zijn begrensd. Om de transitie naar een elektrisch wagenpark te versnellen, worden de limietenvanaf 2025 verstrengd:

    • Voor niet-emissieloze wagens besteld voor 1 juli 2023 bedraagt de minimumlimiet 50% (40% voor wagens met een uitstoot ≥ 180 g/km), de maximumlimiet bedraagt 100%.

    • Voor niet-emissieloze wagens die besteld worden in de periode tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025, verdwijnt de minimumlimiet vanaf 2025. Ook de maximumlimiet wordt vanaf 2025 geleidelijk afgebouwd In 2025 bedraagt de maximumlimiet 75%, in 2026 nog 50% en in 2027 nog slechts 25%. Niet-emissieloze wagens die vanaf 1 januari 2026 besteld worden, kennen geen fiscale voordelen meer.

    • Voor emissieloze wagens die besteld worden vóór 1 januari 2027, verandert er niets. Zij behouden hun fiscale voordelen. Het is pas vanaf 2027 dat de fiscale aftrekbaarheid van emissieloze wagens zal dalen. Het grote verschil t.o.v. niet-emissieloze wagens is het 'grandfathering'-principe: het aftrekpercentage dat geldt op het moment van bestelling blijft geldig voor de rest van de looptijd.

  1. CO2-bijdrage

    Als werknemers hun bedrijfswagen ook voor privédoeleinden mogen gebruiken, moet de werkgever een CO2-bijdrage (ook solidariteitsbijdrage genoemd) aan de RSZ betalen. Deze bijdrage is gebaseerd op de CO2-uitstoot en het brandstoftype van de wagen en wordt berekend a.d.h.v. een formule. Daarnaast wordt ook een minimumbijdrage bepaald.

    De formule voor de berekening van de CO2-bijdrage is:[((CO2-uitstoot x € 9) – 768 (benzine) of 600 (diesel) of 990 (LPG)/ 12] x indexatiecoëfficiënt

    De indexcatiecoëfficiënt en minimumbijdrage worden jaarlijks aangepast. Voor 2025 is de indexatiecoëfficiënt 1,5948 en bedraagt de minimumbijdrage € 33,22/maand voor voertuigen besteld vóór 1 juli 2023. Voor voertuigen besteld vanaf 1 juli 2023 bedraagt de minimumbijdrage 37,33/maand. Voor emissieloze wagens is steeds het minimumbedrag verschuldigd.

    Voor niet-emissieloze wagens besteld vanaf 1 juli, moet de uitkomst van de formule vermenigvuldigd worden met een multiplicator die jaarlijks stijgt. In 2025 bedraagt deze multiplicator 2,75. Als de berekende CO2-bijdrage na toepassing van de multiplicator lager is dan de minimumbijdrage, is de minimumbijdrage van toepassing.

  2. Voordeel van Alle Aard (VAA)

    Wie met een bedrijfswagen rijdt en die ook voor privédoeleinden mag gebruiken, geniet van een Voordeel van Alle Aard (VAA). Daar betaalt de werknemer belastingen op. Het bedrag van het VAA wordt berekend aan de hand van een formule die rekening houdt met de catalogusprijs, de leeftijd en vooral de CO2-uitstoot van de wagen. Hoe meer de CO2-uitstoot van de wagen waarmee de werknemer rijdt afwijkt van de “referentie-uitstoot”, hoe hoger het VAA. Voor emissieloze wagens wordt het minimum CO2-percentage van 4% gehanteerd.

    De referentie-uitstoot wordt elk jaar opnieuw berekend aan de hand van de gemiddelde uitstoot van de nieuw ingeschreven wagens in het jaar voordien. Tevens wordt elk jaar een minimum VAA bepaald. Voor 2025 bedraagt de referentie-uitstoot 71 g/km voor benzinewagens en 59 g/km voor dieselwagens. Het minimum VAA voor 2025 is vastgelegd op € 1 650/jaar.

    De formule voor de berekening van het VAA is: cataloguswaarde x CO2-percentage x 6/7 x leeftijdspercentage

  3. Aftrekbaarheid bedrijfswagens

    Kosten van bedrijfswagens zijn (gedeeltelijk) aftrekbaar van het belastbaar inkomen van een bedrijf en leiden dus tot een lagere vennootschapsbelasting.

    De aftrekbaarheid in 2025 varieert in functie van het type kosten en het type wagen:

    • Rentekosten incl. niet-recupereerbare btw: 100% aftrekbaar ; dit geldt voor emissieloze en niet-emissieloze wagens

    • Wagenkosten incl. niet-recupereerbare btw (financiering, onderhoud, banden, verzekering enz.): • Emissieloze wagens: 100% fiscaal aftrekbaar • Niet-emissieloze wagens: de aftrekbaarheid wordt berekend a.d.h.v. een formule

    • Energiekosten incl. niet-recupereerbare btw (brandstofkosten, stroomkosten): • Emissieloze wagens: stroomkosten 100% fiscaal aftrekbaar • Benzine- en dieselwagens: brandstofkosten volgen de aftrekbaarheid van de autokosten • Plug-inhybrides besteld voor 1 juli 2023: brandstof- en stroomkosten volgen de aftrekbaarheid van de autokosten • Plug-inhybrides besteld vanaf 1 juli 2023: brandstofkosten zijn 50% aftrekbaar ; stroomkosten volgen de aftrekbaarheid van de autokosten

    De formule die de fiscale aftrekbaarheid berekent, is 120% - (0,5% x coëfficiënt x CO2 g/km) De coëfficiënt bedraagt 1 voor diesel, 0,90 voor CNG-wagens ≤ 11 fiscale pk en 0,95 voor alle andere aandrijvingen.

    De minimum- en de maximumaftrek zijn begrensd. Om de transitie naar een elektrisch wagenpark te versnellen, worden de limietenvanaf 2025 verstrengd:

    • Voor niet-emissieloze wagens besteld voor 1 juli 2023 bedraagt de minimumlimiet 50% (40% voor wagens met een uitstoot ≥ 180 g/km), de maximumlimiet bedraagt 100%.

    • Voor niet-emissieloze wagens die besteld worden in de periode tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025, verdwijnt de minimumlimiet vanaf 2025. Ook de maximumlimiet wordt vanaf 2025 geleidelijk afgebouwd In 2025 bedraagt de maximumlimiet 75%, in 2026 nog 50% en in 2027 nog slechts 25%. Niet-emissieloze wagens die vanaf 1 januari 2026 besteld worden, kennen geen fiscale voordelen meer.

    • Voor emissieloze wagens die besteld worden vóór 1 januari 2027, verandert er niets. Zij behouden hun fiscale voordelen. Het is pas vanaf 2027 dat de fiscale aftrekbaarheid van emissieloze wagens zal dalen. Het grote verschil t.o.v. niet-emissieloze wagens is het 'grandfathering'-principe: het aftrekpercentage dat geldt op het moment van bestelling blijft geldig voor de rest van de looptijd.

Veelgestelde vragen

Geldt de verlaagde fiscale aftrekbaarheid ook voor de bestaande leasecontracten? De nieuwe fiscale maatregelen hebben enkel betrekking op bestellingen voor niet-emissieloze wagens waarvan de leaseovereenkomst werd ondertekend vanaf 1 juli 2023.Welke datum telt om te bepalen of een bedrijfswagen onderhevig is aan de afgebouwde aftrekbaarheid? De besteldatum of de datum van inschrijving? In geval van leasing is de datum waarop de leaseovereenkomst werd ondertekend doorslaggevend. In geval van eigen aankoop is de datum waarop de bestelbon van de dealer werd ondertekend bepalend. Bij kortetermijnverhuur is de datum van ondertekening van de huurovereenkomst doorslaggevend. De datum van inschrijving speelt geen rol.Stel: ik bestelde een benzinewagen in mei 2023 en deze rijdt nog in januari 2026. Valt de belastingaftrek voor deze wagen dan weg of niet? Het wegvallen van de belastingaftrek gebeurt stapsgewijs voor wagens die aangeschaft of besteld worden vanaf 1 juli 2023, en vervalt volledig voor wagens die aangeschaft of besteld worden vanaf 1 januari 2026. Voor de benzinewagen uit bovenstaand voorbeeld verandert er dus niets, deze blijft genieten van de ‘oude’ fiscale regels.Stel: ik bestel op 1 augustus 2024 een dieselwagen in een leasecontract van 4 jaar. Wat gebeurt er dan vanaf 1 januari 2026? Aangezien de wagen na 1 juli 2023 werd aangeschaft zal de fiscale aftrekbaarheid geleidelijk jaar na jaar dalen, en dit te starten vanaf 2025. In 2024 blijven de minimum- en maximumlimieten (50-100%) van toepassing. In 2025 zakt de maximumlimiet naar 75%, in 2026 naar 50% en in 2027 naar 25%. Op vlak van CO2-bijdrage is de CO2-bijdrage onderhevig aan de multiplicator die jaarlijks verhoogt.Wat verandert er voor plug-in hybride auto’s vanaf 2023? Fiscale aftrek: voor plug-in hybride auto’s besteld vanaf 1 januari 2023 geldt dat de kosten voor benzine of diesel beperkt aftrekbaar zijn, nl. 50%. Daarnaast vallen plug-in hybride auto’s besteld vanaf 1 juli 2023 onder het uitdoofscenario voor niet-emissieloze auto’s waarbij de fiscale aftrek stapsgewijs evolueert van 100% naar 0% in 2028. CO2-bijdrage: voor de meeste plug-in hybride wagens is de berekende CO2-bijdrage na toepassing van de multiplicator lager dan de minimum bijdrage, bijgevolg is de minimum bijdrage van toepassing.Hoe zit het met het verschil tussen “echte” en “valse” plug-in hybrides? De bepaling en de fiscale behandeling van een “echte” of “valse” plug-in hybride blijft ongewijzigd. Elke plug-in hybride die vanaf 01/01/2018 wordt gekocht, moet aan twee criteria voldoen om als een “echte” plug-in hybride te worden beschouwd: - CO2-uitstoot ≤ 50 g/km - Batterijcapaciteit ≥ 0,5 kWh per 100 kg autogewicht In het geval van een “valse” plug-in hybride zijn er gevolgen op vlak van de fiscale aftrek.  De formule blijft dezelfde, maar de CO2-uitstoot die op gelijkvormigheidscertificaat van de wagen staat moet worden vervangen door de CO2-uitstoot van de overeenstemmende wagen met verbrandingsmotor.   Een lijst van overeenkomstige auto's wordt gepubliceerd op de website van de FOD Financiën. Als er geen overeenstemmende auto bestaat, moet de CO2-uitstoot met een factor 2,5 worden vermenigvuldigd.  Deze regeling is van toepassing op het tarief van de belastingaftrek en op het Voordeel van Alle Aard.Welke CO2-waardes zijn nu van toepassing in de autofiscaliteit? NEDC 2.0 of WLTP? In het ministrieel akkoord wordt niet meer gesproken van een ingangsdatum voor de WLTP-waarden. De vrije keuze tussen NEDC 2.0 en WLTP zal dus blijven bestaan, voor zover de beide waarden natuurlijk vermeld staan op het gelijkvormigheidsattest (COC). Aangezien de omrekening naar NEDC 2.0 niet meer verplicht is sinds 1 januari 2021, verwachten we dat autofabrikanten steeds minder de twee waarden zullen communiceren.Wat gebeurt er met het Voordeel van Alle Aard? Aan de formule voor de berekening van het Voordeel van Alle Aard (VAA) wordt niet geraakt. Door de jaarlijkse aanpassing van de referentie-uitstoot in de berekeningsformule, riskeert het VAA van wagens met een verbrandingsmotor echter wel te stijgen. De referentie-uitstoot vertegenwoordigt de gemiddelde CO2-uitstoot van nieuw ingeschreven wagens in het voorgaande jaar. Door de vergroening van de Belgische vloot, daalt deze referentie-uitstoot elk jaar.Wat zijn de voorwaarden om als bedrijf aanspraak te kunnen maken van de verhoogde aftrek voor laadpalen? De laadpalen moeten minimaal tijdens of na kantooruren publiek toegankelijk zijn, niet enkel voor werknemers en bezoekers, maar ook voor andere gebruikers, bv. buurtbewoners.Als bedrijf laat ik laadpalen bij mijn medewerkers thuis plaatsen. Zijn deze kosten verhoogd aftrekbaar? Een laadstation opgenomen in de leaseofferte van een wagen volgt de fiscale aftrekbaarheid van de gerelateerde wagen. Laadstations die een bedrijf voorziet op haar bedrijfsparking zijn tot en met inkomstenjaar 2029 100% fiscaal aftrekbaar. Vanaf inkomstenjaar 2030 wordt de fiscale aftrekbaarheid voor laadstations beperkt tot 75%.Mijn werkgever stelt een thuislaadstation ter beschikking en vergoedt de afgenomen elektriciteit van mijn thuislaadbeurten. Verhoogt dit mijn Voordeel van Alle Aard? Neen, de terbeschikkingstelling van het thuislaadstation en de terugbetaling van de elektriciteit hebben geen impact op het Voordeel van Alle Aard van de wagen. De thuislader moet over een specifiek communicatie systeem beschikken dat aan de werkgever communiceert hoeveel elektriciteit er wordt verbruikt. Verder moet de terugbetaling van de elektriciteit opgenomen zijn in de car policy.